blog

Borstvergroting: eigen vet of implantaten?

Wie een borstvergroting overweegt, staat voor de keuze tussen eigen vet of implantaten. Deze tekst zet feitelijk naast elkaar wat elke techniek kan, wat ze niet kan, en welke afwegingen op consultatie aan bod komen.

Een borstvergroting met eigen vet of met implantaten is geen kwestie van één techniek die de andere vervangt. Het zijn twee methodes met een verschillend werkingsprincipe, een verschillende omvang van resultaat en een verschillend verloop op lange termijn.

Twee wegen naar meer volume

Volume toevoegen aan de borst kan op twee manieren. Ofwel wordt er een siliconen implantaat geplaatst, ofwel wordt lichaamseigen vetweefsel afgenomen op een andere plaats van het lichaam en in kleine hoeveelheden in de borst overgebracht. Die tweede techniek heet lipofilling.

Het verschil is fundamenteel. Een implantaat is een vooraf gekend volume dat op een gecontroleerde manier vorm geeft aan de borst. Lipofilling werkt met levend weefsel dat zich moet hechten aan de omgeving en zijn eigen bloedvoorziening moet opbouwen. Daardoor is het resultaat van lipofilling minder voorspelbaar in omvang, maar wel volledig lichaamseigen.

Hoe lipofilling werkt

Bij lipofilling van de borst wordt via liposuctie vetweefsel geoogst, meestal ter hoogte van de buik, de flanken of de dijen. Dat vet wordt gefilterd en gezuiverd, waarna het via kleine insteekopeningen in fijne laagjes in de borst wordt aangebracht. De techniek werkt met vele kleine hoeveelheden in verschillende weefsellagen, zodat elk vetbolletje contact maakt met goed doorbloed weefsel.

Twee voorwaarden bepalen of lipofilling een optie is. Er moet voldoende donorvet aanwezig zijn, en de borsthuid moet voldoende soepel zijn om het extra volume op te nemen. Bij een zeer slanke lichaamsbouw is er vaak onvoldoende vet te oogsten voor een zinvol resultaat.

Hoeveel volumewinst is realistisch met eigen vet

Dit is het punt waarop verwachtingen en techniek elkaar het vaakst kruisen. Niet al het overgebrachte vet blijft blijvend aanwezig. Een deel wordt in de eerste maanden door het lichaam opgenomen; dat heet resorptie. Het vet dat na ongeveer zes maanden nog aanwezig is, wordt beschouwd als blijvend.

In de praktijk betekent dat dat één sessie lipofilling meestal een bescheiden volumewinst geeft. Wie meer volume wenst, heeft doorgaans meerdere sessies nodig, met enkele maanden tussentijd. Met implantaten kan in één ingreep een grotere en beter voorspelbare volumetoename worden bereikt.

Lipofilling wordt daarom vaak gekozen door patiënten die een natuurlijke, subtiele verbetering wensen, die geen lichaamsvreemd materiaal willen, of die tegelijk een verfijning van de contour op de donorzone verkiezen.

Implantaten: materiaal en plaatsing

Moderne borstimplantaten bestaan uit een siliconen omhulsel met een cohesieve siliconengel. Ze bestaan in verschillende volumes, breedtes, profielen en vormen. De keuze wordt gemaakt op basis van de breedte van de borstbasis, de dikte van het weefsel dat het implantaat bedekt, de huidkwaliteit en de gewenste vorm.

De plaatsing gebeurt in een van drie posities:

  • Voor de spier. Het implantaat ligt onder de borstklier, boven de grote borstspier. Dit geeft een directe vormgeving, maar vraagt voldoende eigen weefselbedekking om de rand niet zichtbaar te maken.
  • Achter de spier. Het implantaat ligt volledig of grotendeels onder de grote borstspier. De extra spierlaag maskeert de bovenrand beter en is een optie bij dunne weefselbedekking. De spier kan bij aanspanning wel enige beweging veroorzaken.
  • Dual plane. Een gecombineerde techniek: de bovenpool van het implantaat ligt achter de borstspier, terwijl de onderpool rechtstreeks in contact staat met de borstklier. Daarvoor wordt de onderrand van de spier gedeeltelijk losgemaakt. Deze techniek combineert een zachte overgang aan de bovenpool met een goede vulling van de onderpool.

Welke positie aangewezen is, hangt af van de anatomie en niet van een voorkeur op voorhand.

Littekens en herstel

Bij lipofilling blijven de littekens beperkt tot enkele insteekopeningen van enkele millimeters. Het herstel wordt vooral bepaald door de liposuctie: blauwe verkleuring, zwelling en gevoeligheid op de donorzone zijn normaal en nemen af over enkele weken. Compressiekledij wordt meestal enkele weken gedragen.

Bij implantaten verloopt de toegang meestal via een litteken in de borstplooi. De eerste dagen zijn er spanning en drukgevoel, zeker bij plaatsing achter de spier. Zware inspanningen en sport worden doorgaans enkele weken uitgesteld. De definitieve vorm zet zich pas na enkele maanden.

Levensduur en opvolging

Een borstimplantaat is geen levenslang hulpmiddel. Het omhulsel kan na verloop van tijd verzwakken, er kan zich een verstrakking van het kapsel rond het implantaat vormen, of de vorm van de borst evolueert door zwangerschap, gewichtsschommelingen of veroudering. Daardoor bestaat de kans dat er in de loop van het leven een implantaatwissel nodig is.

Opvolging is daarom een vast onderdeel van het traject. Bij beeldvorming is het belangrijk het radiologisch team te melden dat er implantaten aanwezig zijn. Ook lipofilling vraagt correcte beeldvorming: overgebracht vet kan kleine verkalkingen of vetcysten geven, die door een ervaren radioloog doorgaans goed te onderscheiden zijn van andere afwijkingen. Deelname aan het bevolkingsonderzoek naar borstkanker blijft in beide gevallen aangewezen.

De hybride techniek

Bij sommige patiënten worden beide technieken gecombineerd. Het implantaat zorgt dan voor het volume en de projectie, terwijl lipofilling in een dunne laag over de bovenpool en aan het decolleté wordt aangebracht. Dat vergroot de weefselbedekking en verzacht de overgang tussen borstkas en implantaat.

Deze benadering kan aangewezen zijn bij een dunne lichaamsbouw, bij een uitgesproken asymmetrie of bij een implantaatwissel waarbij het weefsel na jaren dunner is geworden.

Wanneer een borstlift deel uitmaakt van het plan

Volume en positie zijn twee verschillende zaken. Wanneer de tepel duidelijk is gezakt ten opzichte van de borstplooi, geeft volume alleen zelden het gewenste resultaat. In dat geval wordt een borstlift overwogen, eventueel in combinatie met een vergroting. Een lift verplaatst de tepel en verstevigt de vorm, maar gaat gepaard met bijkomende littekens.

Van consultatie tot beslissing

Op de eerste consultatie worden de medische voorgeschiedenis, eventuele familiale belasting voor borstkanker, rookgedrag, gewichtsevolutie en kinderwens besproken. Er volgt een klinisch onderzoek met opmeting van de borstbasis, de huidkwaliteit en de tepelpositie.

Er bestaat geen techniek die voor iedereen de juiste is. De keuze is een afweging tussen gewenst volume, beschikbaar donorvet, aanvaardbaarheid van lichaamsvreemd materiaal, littekens en de bereidheid tot opvolging op lange termijn. Elke ingreep houdt risico’s in, waaronder infectie, nabloeding, wondgenezingsproblemen, wijziging van het tepelgevoel en asymmetrie. Het resultaat verschilt van persoon tot persoon.

Veelgestelde vragen

Is een borstvergroting met eigen vet blijvend?

Het vet dat na ongeveer zes maanden nog aanwezig is, wordt als blijvend beschouwd. Het gaat om levend weefsel, waardoor het meegaat met gewichtsschommelingen. Een deel van het overgebrachte vet wordt in de eerste maanden wel opgenomen.

Hoeveel sessies lipofilling zijn er nodig?

Dat hangt af van het gewenste volume, de beschikbare hoeveelheid donorvet en de soepelheid van de borsthuid. Eén sessie geeft doorgaans een bescheiden toename; voor meer volume zijn vaak meerdere sessies nodig.

Wat is het verschil tussen plaatsing voor en achter de spier?

Voor de spier ligt het implantaat rechtstreeks onder de borstklier, achter de spier wordt het bedekt door de grote borstspier. De dual plane techniek combineert beide. De keuze wordt bepaald door de dikte van het eigen weefsel en de vorm van de borst.

Moeten borstimplantaten na een aantal jaren vervangen worden?

Er bestaat geen vaste vervaldatum. Implantaten zijn wel geen levenslange hulpmiddelen, waardoor er in de loop van het leven een bijkomende ingreep nodig kan zijn.

Beïnvloedt een borstvergroting het bevolkingsonderzoek naar borstkanker?

Deelname blijft in beide gevallen aangewezen. Het is belangrijk het radiologisch team vooraf te melden dat er implantaten of lipofilling zijn uitgevoerd, zodat de opnamen daarop worden afgestemd.

Plan uw persoonlijke consultatie

Tijdens een consultatie wordt uw vraag zorgvuldig besproken en wordt bekeken welke behandeling het meest geschikt is.

Deze tekst is algemeen van aard en vervangt geen persoonlijk medisch advies. Er geldt een inspanningsverbintenis en geen resultaatsverbintenis. Wat in uw situatie mogelijk is, wordt tijdens een consultatie bepaald en schriftelijk vastgelegd. Lees de volledige medische disclaimer.

  • Borstreconstructie na borstkanker: de technieken

    Na een borstamputatie bestaan er verschillende manieren om de borst opnieuw op te bouwen, elk met eigen voorwaarden en een eigen tijdslijn. Deze tekst legt in begrijpelijke taal uit welke technieken bestaan en welke factoren de keuze mee bepalen.

    Dr. Julien Colle